

Onze ontwikkeling in perspectief
De ouderenzorg verandert snel — en daarmee verandert ook de manier waarop wij werken, leren en samenwerken. In dit kwaliteitsbeeld nemen we u mee in wat deze ontwikkelingen betekenen voor onze cliënten en hun naasten, medewerkers, vrijwilligers en partners. U leest hoe we in 2025 gewerkt hebben aan onze ambities én hoe we deze beweging in 2026 verder vormgeven.
Het kwaliteitsbeeld laat zien wat goed ging, wat beter kan en vooral: wat we daarvan leren. Niet elk doel is behaald, en juist dat biedt waardevolle inzichten. Want stilstaan bij wat níet lukt, helpt ons om morgen betere keuzes te maken.
Het document is opgebouwd rond de vijf bouwstenen uit het Gerneriek Compas die samen richting geven aan onze zorg en ondersteuning: wensen en behoeften van cliënten kennen, sterke netwerken bouwen, het werk slim en toekomstgericht organiseren, deskundige medewerkers die blijven leren en inzicht hebben in kwaliteit.
In verhalen van cliënten en medewerkers krijgt u een inkijkje in hoe deze thema’s er in de praktijk uitzien. We beginnen hieronder met het verhaal van bestuurder Gertjan Veening, die reflecteert op de bewegingen in de organisatie én de regio. Zijn voorwoord vormt de opmaat naar de rest van dit kwaliteitsbeeld.
Inhoud
Samen vooruit op de Noord-Veluwe
De landelijke trend in de ouderenzorg zien we direct terug in onze eigen praktijk: bewoners op onze woonlocaties komen vaker binnen met hogere ZZP-indicaties, terwijl mensen met een zwaardere zorgvraag ook langer thuis blijven wonen met thuiszorg. Dat is precies de beweging die de overheid voor ogen heeft, en die zien we op de Noord-Veluwe volop gebeuren.
Daarmee neemt de complexiteit van de zorg toe — zowel thuis als in onze woonzorglocaties. Het werk vraagt meer verpleegkundige kennis en meer vaardigheid in het omgaan met veranderend en onbegrepen gedrag. Tegelijkertijd laat de zorg zich steeds minder goed plannen. Die ontwikkeling botst soms met het vastgoed dat we hebben. De Schauw in Putten is daarvan een duidelijk voorbeeld: een locatie die twaalf jaar geleden is gebouwd voor relatief zelfstandige bewoners en nu wordt gebruikt voor mensen die meer toezicht nodig hebben. Teams zoeken daar creatieve oplossingen, zoals het maken van huiskamers op de brede gangen, om beter zicht te houden en toch nabijheid en huiselijkheid te behouden. Maar het vastgoed echt passend maken voor de veranderende doelgroep vraagt tijd en aandacht.
In onze regio zoeken we nadrukkelijk samenwerking. We kijken met een bredere blik naar hoe we ‘goed oud worden op de Noord-Veluwe’ samen kunnen vormgeven. Vanaf 2023 ligt onze focus op het bijdragen aan samenredzame gemeenschappen. Zorgorganisaties en samenleving kunnen niet zonder elkaar. Buurtbewoners worden steeds belangrijker in het dagelijks leven van ouderen, zeker nu mensen met dementie vaker zelfstandig naar buiten gaan. Dat betekent dat we mensen gaan ontmoeten die even verdwaald zijn. Een oudere die in de supermarkt iets meeneemt zonder te betalen; medewerkers en buurtgenoten die helpen en de weg terug wijzen. We willen dat bewoners inwoners in de buurt kunnen zijn en blijven. Waar verpleeghuizen vroeger gesloten bolwerken waren, zoeken we nu juist verbinding. Bijvoorbeeld door onze brasserieën open te stellen voor mensen uit de wijk.
“We kijken vooral naar wat het leven van bewoners waardevol maakt, niet alleen naar wat medisch kan.”
Onze teams bereiden zich gericht voor op deze ontwikkelingen. We ontwikkelen doorlopende leerlijnen gericht op het versterken van de verpleegkundige expertise binnen onze teams, onder andere met nieuwe modules over veranderend gedrag. Daarmee rusten we medewerkers toe op de toenemende complexiteit, zowel thuis als in de locaties.
De beweging uit het Generiek Kompas bouwen we verder uit. Minder denken vanuit het medische model, meer vanuit welzijn. Bewoners verblijven korter in het verpleeghuis. Daarom kiezen we er bewust voor om de nadruk nog sterker te leggen op comfort en kwaliteit van leven. We kijken niet alleen naar wat er medisch kan, maar vooral naar wat het leven van bewoners waardevol maakt — en naar rust en kwaliteit in de laatste levensfase. Goede palliatieve zorg hoort daar nadrukkelijk bij.
“Soms vraagt een bewoner om een andere aanpak dan het protocol voorschrijft. Die ruimte mag in 2026 verder groeien — dat is professioneel lef.”
De ondernemingsraad, de professionele adviesraad en de centrale cliëntenraad denken actief mee. Tijdens een themadag verdiepten zij zich in onderdelen van het Generiek Kompas, en in overleggen komt dit terug — al kan de samenhang nog worden versterkt. Veel ontwikkelingen lopen tegelijk; dat vraagt tijd en inzet.
Openheid zoeken we bewust. In 2025 liepen bijna twintig collega’s een dag met mij mee. Dan zien ze hoe dicht strategie en praktijk bij elkaar liggen, en hoe we dezelfde thema’s bespreken die voor hen in het werk direct relevant zijn. Dat helpt om elkaar beter te verstaan.
Tot slot wil ik onderstrepen hoe belangrijk het is dat we samen blijven leren en reflecteren. In de drukte van alledag schiet dat er soms bij in. Ik vind het interessant om te onderzoeken of we minder tijd aan ad hoc-zaken kunnen besteden en meer aan gezamenlijk leren vanuit de gedeelde praktijk. Ook pleit ik voor meer professioneel lef. Soms vraagt een bewoner om een andere aanpak dan het protocol voorschrijft. Die ruimte mag in 2026 verder groeien. We geven vertrouwen aan onze medewerkers — dat brengt verantwoordelijkheid én werkplezier, in het belang van het welzijn van onze cliënten.

Gertjan Veening
raad van bestuur